Uitsluitend verplicht voor leden-fokkers van de Belgische Duitse Doggen Club v.z.w. (aangesloten bij de K.K.U.S.H. (F.C.I.) onder nummer 566). 

Dit reglement is geldig vanaf 24/05/2018 en vervangt het voorafgaande.

Artikel 1 :

Ieder lid van de club moet de voorschriften naleven van de Koninklijke Kynologische Unie Sint-Hubertus (K.K.U.S.H.), en in het bijzonder het reglement voor inschrijving in het stamboek K.M.S.H. (LOSH).

 

Artikel 2 :

Voor de fokkerij zal men enkel reuen en teven gebruiken die ingeschreven zijn in het LOSH of in een buitenlands stamboek erkend door de F.C.I. en waarvan de afstammings  DNA-code gekend is.

 

Artikel 3 :

Men zal een reu geen dekkingen laten verrichten vooraleer hij de leeftijd van 12 (twaalf) maanden heeft bereikt. Een teef mag pas worden gedekt vanaf 15 (vijftien) maanden.

 

Artikel 4 :

Het aantal nesten per teef is beperkt tot 2 (twee) per 2 (twee) jaar. De fokker mag zelf het meest geschikte moment kiezen. Voorbeeld: 2 (twee) opeenvolgende nesten met dan 1 (één) jaar rusttijd of 1 (één) nest per jaar. Het aantal jongen per nest is onbeperkt.

 

Artikel 5 :

Een dekreu zal niet méér dan 20 ( twintig )  dekkingen verrichten per jaar. Voor teven moet vanaf de leeftijd van 7 (zeven) jaar toestemming worden gevraagd aan de Fok- en Adviescommissie, die een advies voor akkoord zal overmaken aan de K.M.S.H..

 

Artikel 6 :

Volgende kruisingen mogen niet worden doorgevoerd:

- gevlekt met gevlekt, blauw, zwart uit blauw, geel of gestroomd;

- blauw met andere kleuren dan zwart uit blauw en blauw;

- zwart uit gevlekt met andere kleuren dan zwart uit gevlekt en gevlekt;

- geel en gestroomd met andere kleuren;

- zwart uit blauw met zwart uit gevlekt, gevlekt, geel of gestroomd.

 

Artikel 7 :

Volgende doggen mogen niet worden gebruikt voor de fok:

Honden die disqualificerende fouten vertonen ( zie standaard Duitse Dog )

 

Artikel 8 :

  • Onderzoek van heupdysplasie (HD) is niet verplicht, maar aangeraden. De DNA-test  voor afstamming is verplicht.
  • DCM test is jaarlijks verplicht zolang reu of teef gebruikt worden voor de fok. Certificaten worden enkel aanvaard van dierenartsen gespecialiseerd in cardiologie . ( bijgevoegd, lijst van erkende cardiologen ) => Hanneke Van Meeuwen (NL) - Valerie Bavegems in Saint-Gilles - Nicole van Israël in Stavelot - Tom Hendrickx in Diepenbeek - Christine de Prest in Ruislede - Pascal Smets in Merelbeke - Anne Reveille in Luik - Stephane Albers in Berchem
  • PRO BNP moeten elke keer uitgevoerd worden vóór de dek. ( de test is 12 maanden geldig)

 

Artikel 9 :

Reuen die geröntgend zijn of een DNA-test hebben ondergaan in het buitenland worden eveneens aanvaard in België. Opgelet: de DNA-code van buitenlandse reuen moet overeenstemmen met de code die opgelegd wordt door de KMSH. ( ISAG )

 

Artikel 10:

Buitenlandse honden moeten getatoeëerd zijn of een microchip hebben alvorens ze in België aankomen.

 

Artikel 11:

Buitenlandse honden kunnen worden aangekeurd in België en "selectie" verkrijgen indien ze in het bezit zijn van een eigenaar die in België woont en indien deze honden geregistreerd zijn bij de K.M.S.H. (verplicht vanaf 1 januari 2001).

 

Artikel 12:

Buitenlandse dekreuen moeten vóór gebruik in het bezit zijn van een Eu.D.D.C-aankeuring of moet voorgelegd worden in de fokcommissie met zijn medische verslagen. De bewijsstukken moeten opgestuurd worden naar het secretariaat van de Fok- en Adviescommissie.

 

 

Artikel 13:

Reuen en teven moeten in goede gezondheid zijn en de kennel vrij van alle besmettelijke ziekten.

De BDDC is bevoegd om nestcontroles te laten uitvoeren door onze voorzitter,  dit zelfs zonder voorafgaande verwittiging .

 

Artikel 14:

Men zal geen jongen afgeven:

- zonder officieel stamboom LOSH;

- niet  ingeënt  ( entingen te bepalen door de dierenarts ) en gechipt.

 

Artikel 15:

De dekcondities worden schriftelijk vastgelegd door de eigenaars van de reu en teef. In het algemeen verwijzen deze naar de voorschriften vastgelegd in het "Internationaal Fokreglement" van de F.C.I. (conventie van Bern van 1979).

 

Artikel 16:

De eigenaar van een dekreu zal zijn reu geen teven laten dekken die niet in het bezit zijn van een officiële stamboom erkend door de F.C.I.

 

Artikel 17:

Alleen de verkoop van pups uit eigen fok is toegelaten.

Artikel 18:

Buitenlandse leden moeten bij voorrang de fokreglementen volgen die van toepassing zijn in eigen land.

 

Artikel 19:

Om aangewend te worden voor de fok, moeten alle doggen (reuen en teven) een foktoelating bezitten  (   KMSH attest ‘certificaat conformiteit rasstandaard  of selectie BDDC ) verwerven.

 

Artikel 20:

De foktoelating, waarvan sprake in Art. 19, kan worden verworven op een speciale gelegenheid ingericht door de club.

Namelijk:

- de Internationale Duitse Doggendag;

- de Clubmatch;

De resultaten hiervan, vergezeld van een leesbare kopie van de stamboom, moeten worden meegedeeld aan de Fok- en Adviescommissie via het secretariaat van de club.

 

Artikel 21:

In alle gevallen moet de hond drager van een microchip.

 

Artikel 22:

Van fokdieren wordt verwacht dat ze ingezet worden conform aan het Fokreglement. Copy van HD uitslag ( indien uitgevoerd ), DCM resultaat of ProBNP uitslag,  moeten opgestuurd worden naar het secretariaat  Fok – en Adviescommissie

 

Artikel 23:

Alle honden geboren vanaf 1 oktober 2001 mogen niet meer aan de oren worden gecoupeerd (Koninklijk Besluit van 17 mei 2001). Vanaf 1/1/2008 is het tevens verboden de staarten te couperen.

 

Artikel 24:

Van zodra het geboortedossier volledig is bij onze fok- en adviescommissie wordt het nodige gedaan voor pupbemiddeling ( publicatie in Clubblad, vermelding op Facebook en vermelding op website BDDC , pupbemiddeling wordt ingezet  0475 / 25 40 24 )

 

Artikel 25:

Ingeval van twijfel over de toepassing van één der artikels van dit reglement, kunnen de leden zich wenden tot de Fok- en Adviescommissie via het secretariaat van de club.

 

 

 

 

 

 

Sponsors